{"id":{"repo_id":"openu","oai_identifier":"oai:research.ou.nl:studenttheses/d253148c-ebd1-433d-b18c-1a889d0cf462"},"canonical_url":"https://search.dev.ndltd.org/etd/openu/oai:research.ou.nl:studenttheses/d253148c-ebd1-433d-b18c-1a889d0cf462","repository":{"repo_id":"openu","name":"Open Universiteit","base_url":"https://research.ou.nl/ws/oai"},"display":{"title":"Hoe billijk is billijk?","abstract":"Wanneer een verdachte in een strafzaak wordt vrijgesproken, kan hij aanspraak maken op een schadevergoeding. Dit volgt uit de artikelen 89, 90 en 591 Wetboek van Strafvordering. In dit onderzoek wordt uiteengezet wat de rechter in Nederland al dan niet billijk acht, welke maatstaven worden gehanteerd en of de genomen beslissingen eenduidig zijn. De wetgever heeft bepaald dat een vergoeding kan worden toegekend indien gronden van billijkheid aanwezig zijn. Bij de beoordeling van de billijkheid worden ‘objectieve maatstaven’ gehanteerd waarbij objectief wil zeggen dat zij controleerbaar en voor discussie vatbaar zijn. Een nadere invulling van deze open norm, die vatbaar is voor interpretatie, is niet gegeven en dient in de praktijk door de rechter te worden ingekleurd middels belangenafwegingen. Bij de beoordeling mag geen sprake zijn van schending van de onschuldpresumptie en de onafhankelijke rechterlijke invulling dient te voldoen aan rechtsgelijkheid. Ten aanzien van het beleid blijken diverse gerechtelijke instanties niet op een lijn te zitten en uit het onderzoek blijkt verder dat rechters op basis van verschillende criteria de billijkheid beoordelen waardoor sprake is van willekeur bij de beoordeling van de gronden van billijkheid. Van belang is dat de uitkomst van een procedure niet afhangt van de bevoegde schadevergoedingsrechter, maar van de omstandigheden van het geval.","abstract_html":"Wanneer een verdachte in een strafzaak wordt vrijgesproken, kan hij aanspraak maken op een schadevergoeding. Dit volgt uit de artikelen 89, 90 en 591 Wetboek van Strafvordering. In dit onderzoek wordt uiteengezet wat de rechter in Nederland al dan niet billijk acht, welke maatstaven worden gehanteerd en of de genomen beslissingen eenduidig zijn. De wetgever heeft bepaald dat een vergoeding kan worden toegekend indien gronden van billijkheid aanwezig zijn. Bij de beoordeling van de billijkheid worden ‘objectieve maatstaven’ gehanteerd waarbij objectief wil zeggen dat zij controleerbaar en voor discussie vatbaar zijn. Een nadere invulling van deze open norm, die vatbaar is voor interpretatie, is niet gegeven en dient in de praktijk door de rechter te worden ingekleurd middels belangenafwegingen. Bij de beoordeling mag geen sprake zijn van schending van de onschuldpresumptie en de onafhankelijke rechterlijke invulling dient te voldoen aan rechtsgelijkheid. Ten aanzien van het beleid blijken diverse gerechtelijke instanties niet op een lijn te zitten en uit het onderzoek blijkt verder dat rechters op basis van verschillende criteria de billijkheid beoordelen waardoor sprake is van willekeur bij de beoordeling van de gronden van billijkheid. Van belang is dat de uitkomst van een procedure niet afhangt van de bevoegde schadevergoedingsrechter, maar van de omstandigheden van het geval.","abstract_has_math":false,"creators":["Hillebrandt, L."],"institution":"Department Criminal law and International and European Law","degree_name":"Master's Thesis","degree_level":"Student thesis","degree_discipline":null,"degree_department":null,"school":null,"contributors":[],"advisors":[],"committee_chairs":[],"committee_members":[],"year":2015,"date_issued":"2015-7-9","date_published":"2015-7-9","updated_at":"2026-08-21T16:47:15Z","subjects":["Een onderzoek naar de inhoud van de gronden van billijkheid"],"languages":["Dutch","nld"],"rights":[],"rights_urls":[],"identifier_entries":[{"key":"dc:identifier","label":"Identifier","values":["https://research.ou.nl/en/studentTheses/d253148c-ebd1-433d-b18c-1a889d0cf462","oai:research.ou.nl:studenttheses/d253148c-ebd1-433d-b18c-1a889d0cf462"],"render_values":[{"text":"https://research.ou.nl/en/studentTheses/d253148c-ebd1-433d-b18c-1a889d0cf462","href":"https://research.ou.nl/en/studentTheses/d253148c-ebd1-433d-b18c-1a889d0cf462","code":true},{"text":"oai:research.ou.nl:studenttheses/d253148c-ebd1-433d-b18c-1a889d0cf462","href":null,"code":true}]}]},"links":{"outbound_url":"https://research.ou.nl/files/1074435/null","outbound_label":"Repository record","outbound_source":"dc:identifier.uri"},"source_record":{"url":"https://research.ou.nl/ws/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=uketd_dc&identifier=oai%3Aresearch.ou.nl%3Astudenttheses%2Fd253148c-ebd1-433d-b18c-1a889d0cf462","prefix":"uketd_dc"},"metadata_groups":[{"id":"people","label":"People","entries":[{"key":"dc:creator","label":"Author","values":["Hillebrandt, L."]}]},{"id":"academic_context","label":"Academic Context","entries":[{"key":"dc:date","label":"Dc Date","values":["2015-7","2015-7-9"]},{"key":"dc:date.issued","label":"Date","values":["2015-7-9"]},{"key":"dc:publisher.department","label":"Dc Publisher Department","values":["Department Criminal law and International and European Law"]},{"key":"dc:publisher.institution","label":"Dc Publisher Institution","values":["Department Criminal law and International and European Law"]},{"key":"dc:relation.isreferencedby","label":"Dc Relation Isreferencedby","values":["https://research.ou.nl/en/studentTheses/d253148c-ebd1-433d-b18c-1a889d0cf462"]},{"key":"dc:type","label":"Dc Type","values":["Master's Thesis","Thesis"]},{"key":"dc:type.qualificationlevel","label":"Dc Type Qualificationlevel","values":["Student thesis"]},{"key":"dc:type.qualificationname","label":"Dc Type Qualificationname","values":["Master's Thesis"]}]},{"id":"subjects_keywords","label":"Subjects and Keywords","entries":[{"key":"dc:subject","label":"Dc Subject","values":["Een onderzoek naar de inhoud van de gronden van billijkheid"]}]},{"id":"language_rights","label":"Language and Rights","entries":[{"key":"dc:language","label":"Dc Language","values":["Dutch","nld"]}]},{"id":"identifiers","label":"Identifiers","entries":[{"key":"dc:identifier","label":"Identifier","values":["https://research.ou.nl/en/studentTheses/d253148c-ebd1-433d-b18c-1a889d0cf462","oai:research.ou.nl:studenttheses/d253148c-ebd1-433d-b18c-1a889d0cf462"]},{"key":"dc:identifier.uri","label":"Identifier URI","values":["https://research.ou.nl/files/1074435/null"]}]},{"id":"additional","label":"Additional Metadata","entries":[{"key":"dc:description.abstract","label":"Abstract","values":["Wanneer een verdachte in een strafzaak wordt vrijgesproken, kan hij aanspraak maken op een schadevergoeding. Dit volgt uit de artikelen 89, 90 en 591 Wetboek van Strafvordering. In dit onderzoek wordt uiteengezet wat de rechter in Nederland al dan niet billijk acht, welke maatstaven worden gehanteerd en of de genomen beslissingen eenduidig zijn. De wetgever heeft bepaald dat een vergoeding kan worden toegekend indien gronden van billijkheid aanwezig zijn. Bij de beoordeling van de billijkheid worden ‘objectieve maatstaven’ gehanteerd waarbij objectief wil zeggen dat zij controleerbaar en voor discussie vatbaar zijn. Een nadere invulling van deze open norm, die vatbaar is voor interpretatie, is niet gegeven en dient in de praktijk door de rechter te worden ingekleurd middels belangenafwegingen. Bij de beoordeling mag geen sprake zijn van schending van de onschuldpresumptie en de onafhankelijke rechterlijke invulling dient te voldoen aan rechtsgelijkheid. Ten aanzien van het beleid blijken diverse gerechtelijke instanties niet op een lijn te zitten en uit het onderzoek blijkt verder dat rechters op basis van verschillende criteria de billijkheid beoordelen waardoor sprake is van willekeur bij de beoordeling van de gronden van billijkheid. Van belang is dat de uitkomst van een procedure niet afhangt van de bevoegde schadevergoedingsrechter, maar van de omstandigheden van het geval."]},{"key":"dc:source","label":"Dc Source","values":["importedStudentThesis"]},{"key":"dc:title","label":"Title","values":["Hoe billijk is billijk?","Hoe billijk is billijk?: Een onderzoek naar de inhoud van de gronden van billijkheid"]}]}],"canonical_facts":{"dc:creator":["Hillebrandt, L."],"dc:date":["2015-7","2015-7-9"],"dc:date.issued":["2015-7-9"],"dc:description.abstract":["Wanneer een verdachte in een strafzaak wordt vrijgesproken, kan hij aanspraak maken op een schadevergoeding. Dit volgt uit de artikelen 89, 90 en 591 Wetboek van Strafvordering. In dit onderzoek wordt uiteengezet wat de rechter in Nederland al dan niet billijk acht, welke maatstaven worden gehanteerd en of de genomen beslissingen eenduidig zijn. De wetgever heeft bepaald dat een vergoeding kan worden toegekend indien gronden van billijkheid aanwezig zijn. Bij de beoordeling van de billijkheid worden ‘objectieve maatstaven’ gehanteerd waarbij objectief wil zeggen dat zij controleerbaar en voor discussie vatbaar zijn. Een nadere invulling van deze open norm, die vatbaar is voor interpretatie, is niet gegeven en dient in de praktijk door de rechter te worden ingekleurd middels belangenafwegingen. Bij de beoordeling mag geen sprake zijn van schending van de onschuldpresumptie en de onafhankelijke rechterlijke invulling dient te voldoen aan rechtsgelijkheid. Ten aanzien van het beleid blijken diverse gerechtelijke instanties niet op een lijn te zitten en uit het onderzoek blijkt verder dat rechters op basis van verschillende criteria de billijkheid beoordelen waardoor sprake is van willekeur bij de beoordeling van de gronden van billijkheid. Van belang is dat de uitkomst van een procedure niet afhangt van de bevoegde schadevergoedingsrechter, maar van de omstandigheden van het geval."],"dc:identifier":["https://research.ou.nl/en/studentTheses/d253148c-ebd1-433d-b18c-1a889d0cf462","oai:research.ou.nl:studenttheses/d253148c-ebd1-433d-b18c-1a889d0cf462"],"dc:identifier.uri":["https://research.ou.nl/files/1074435/null"],"dc:language":["Dutch","nld"],"dc:publisher.department":["Department Criminal law and International and European Law"],"dc:publisher.institution":["Department Criminal law and International and European Law"],"dc:relation.isreferencedby":["https://research.ou.nl/en/studentTheses/d253148c-ebd1-433d-b18c-1a889d0cf462"],"dc:source":["importedStudentThesis"],"dc:subject":["Een onderzoek naar de inhoud van de gronden van billijkheid"],"dc:title":["Hoe billijk is billijk?","Hoe billijk is billijk?: Een onderzoek naar de inhoud van de gronden van billijkheid"],"dc:type":["Master's Thesis","Thesis"],"dc:type.qualificationlevel":["Student thesis"],"dc:type.qualificationname":["Master's Thesis"]},"updated_at":"2026-08-21T16:47:15Z"}